Groep 6/7 Hoofdrekenen taak 9 rknpc

Vul steeds het goede antwoord in !
1. € 15,- = € 6,50 + €
2. € 17,- = € 10,- + 2 x €
3. € 24,- = munten van 10 eurocent
4. 5 keer €2,50 + 5 euro = €
5. 5 X € 5,25 = €
6. € 7,50 - € 1,48= €
7. Het derde deel van € 6,30 is €
8. 16 x 25 eurocent = euro
9. 45 m = dm
10. 36 pennen = dozijn.
11. 14 jongens verdelen 280 knikkers. leder krijgt knikkers
12. In één doos zijn 70 repen chocolade. In dozen zijn dus 560 repen.
13. januari, juli en augustus hebben samen dagen
14. 105 dagen = weken. (Tip : 1 week = dagen)
15. 20 knikkers kosten € 1,00.
180 knikkers kosten €
16. 24 munten van 20 euro cent = €
17. Voor € l,50 kan ik 3 ansichtkaarten kopen. Voor € 3,00 koop ik kaarten.
Voor € 12,- kan ik kaarten kopen.
18. 1 ons thee kost € 0,90 . 1 pond kost €
19. 1 pond kaas kost € 4,60. (In 1 pond zitten ons) .1 ons kaas kost €

20. 5 fietsen kosten samen € 900,- (Tip : reken eerst 1 fiets uit=€ ).
2 fietsen kosten samen €