thema reizen

     Woordenschatpuzzels groep 7    
terug naar overzicht  

 

Thema 1: Reizen  - oefening 1A

Vul de gaten in , druk daarna op -controle- om je antwoorden te controleren .
 

   a      b      c      d      e      f      g      h      i      j   

Oefening 1 Wat betekent het dikgedrukte woord in de zin?
Zet de letter van de goede betekenis achter de zin.
a. fantastischb. reisleider c. ergens andersd.officiële papieren e. aardbol
f. aandenkeng. aankomen h. onrustige luchtstroomi. uitstapje j. tocht
door een gebied met wilde dieren

1. We gaan maandag op excursie naar het museum.
2. Wat dom! Ik heb mijn documenten bij de douane laten liggen.
3. Tijdens onze safari in Kenia werd onze gids aangevallen door een leeuw.
4. Het uitzicht was werkelijk adembenemend.
5. Wij verzamelden een fooi voor de gids.
6. Toen we in Pisa waren, namen we als souvenir een scheef torentje mee.
7. Het andere gebouw bevindt zich elders.
8. Tijdens de aardrijkskundeles bekeken we de landen op de globe.
9. Wegens de hevige turbulentie moesten we de riemen vastmaken.
10. Het vliegtuig arriveerde drie uur later dan op het bord stond.
   naar boven